Sonja Rothuizen

Sonja Rothuizen uit Krommenie kan niet zonder haar vrijwilligerswerk. Als er geen evenement is, verveelt ze zich.

Betrokken
‘Een jaar of twaalf geleden ben ik via een zwager bij Le Champion terechtgekomen.Er waren mensen nodig voor het inpakken van startbewijzen en dat leek me wel leuk. In de jaren daarna ben ik zo betrokken geraakt in het vrijwilligerswerk dat ik tegenwoordig in principe bij elk evenement in de weer ben. Ik heb het er druk mee, maar vind het geweldig.’

Leuke momenten
‘Het fijnste zijn de bedankjes van deelnemers.Er zijn altijd wel mensen die even stoppen om te zeggen dat ze het waarderen dat je er bent. Bij de LBL ArdennenClassic hing een deelnemer huilend om mijn nek, zo blij was hij me te zien. Hij had net 160 kilometer in de benen en had het zwaar. Een wildvreemde man! Bij een andere editie van LBL deelde ik een bidon uit aan een renner die net gefinisht was. Hij zei: “Wil je ook een bidon van mij hebben?” Vreemd, dacht ik, wat moet ik met zo’n oud, vies ding? Later vertelde een collega me dat het Bram Tankink was, die de koers voor de laatste keer reed voordat hij stopte als profrenner. Ik had geen idee, maar het was natuurlijk wel een leuk moment.’

Lange dagen
‘Bij de Alkmaar City Run by night in juni sta ik van zes uur ’s avonds tot middernacht op mijn post. Dan ben ik pas een uur later thuis, maar de volgende ochtend sta ik vrolijk om kwart voor zeven bij de Oer-IJ Expeditie. Ja, het zijn soms lange dagen, maar de tijd vliegt voorbij. Daarbij speeltde onderlinge gezelligheid met de vrijwilligers een grote rol.’

Topdagen
‘Mijn taken zijn elke keer anders, maar allemaal even leuk. Het is mooi om deelnemers een stempel te geven bij de start en ze vervolgens een medaille om te hangen bij de finish. Dan zie je ze helemaal gesloopt aankomen. Maar ik deel net zo lief halverwege het parcours een drankje of een hapje uit. En op 27 maart was ik teamleider bijde kledinginname en -uitgifte van de Zandvoort Circuit Run. Zo’n prachtige, warme zonnige dag waarop alles gesmeerd loopt, is voor mij een topdag.’

Rotperiode
Daarentegen was de coronacrisis een rotperiode, omdat er niets door kon gaan. Wat heb ik het vrijwilligerswerk gemist! Ik ging maar wat fietsen of televisiekijken, want ik moest mijn weekenden ineens op een andere manier gaan invullen. Eerlijk gezegd heb ik me wel verveeld. Daarom was ik ook helemaal blij toen alles weer kon.’

Partner
‘Sinds een paar jaar heb ik een partner, Louis, die nu ook vrijwilliger is bij Le Champion. Ik nam hem een keer mee, en hij zei meteen: “Dat ga ik ook doen.” We staan soms samen bij een evenement, maar Louis neemt ook vaak zelf deel aan wandeltochten. Hij traint nu bijvoorbeeldvoor de Vierdaagse van Nijmegen. Het is wel eens voorgekomen dat ik bij een evenement de medaille om zijn nek hing.’

Drijfnat
‘Ik heb barre omstandigheden meegemaakt. Soms sta je in de regen, storm of kou. Bij de strandrace Egmond-Pier-Egmond stond ik eens op een mooi plekje in de open lucht, terwijl de regen met bakken uit de lucht kwam. Ik was drijf- en drijfnat, tot op het bot. Na afloop moest ikeen plastic zak op de stoel van mijn auto leggen. Maar toen ik thuiskwam en een warme douche had genomen, dacht ik toch: het was een geslaagde dag.’