Nieuws /

Reisverslag Wandelvierdaagse Bali

Lees onderstaand het verslag van de Wandelvierdaagse Bali, geschreven door Jan van Delden.

Dag 1
start300x200De Wandelvierdaagse Bali is dan eindelijk begonnen. Hier hadden velen maanden naar uitgekeken. De wekkers stonden maandagmorgen al vroeg, want om 6 uur begon het ontbijt en om half 7 stond iedereen klaar voor de groepsfoto voor het startdoek. Men stond te trappelen van ongeduld om weg te kunnen gaan. De temperatuur was heerlijk, ongeveer 22 graden en in de loop van de morgen zou dat gaan oplopen tot ongeveer 30 graden.
Het eerste stuk ging door Ubud in de richting van Campuhan. Bij een school daalden we af naar een rivier en meteen na de brug en een tempel begon het pad over een brede richel met links en rechts prachtige uitzichten. Aan het eind, waar de lange en korte afstandslopers afscheid van elkaar moesten nemen, stond de ambulance op ons te wachten met een chauffeur, een verpleegkundige en een lieftallige dokter. Ook het wagentje met de bananen en het water stond hier. Na een korte rustpauze gingen we weer op weg. De lopers van de korte afstand kregen al heel gauw een echte kuitenbijter voor de kiezen. Eerst kwam een korte, vrij steile afdaling naar de rivier en over de brug moest je net zo’n stuk weer omhoog. Gelukkig stond daar een warung waar sommigen een lekker kopje ‘Koppie Bali’ hebben gedronken. De lopers van de lange afstand hadden het aanvankelijk wat makkelijker. Pas over de helft kwamen een paar lastige stukken. Maar al met al was het genieten geblazen. Terug in het hotel werd er bij Wil afgestempeld en vertelde men wat men onderweg meegemaakt had. Na het lunchpakket soldaat gemaakt te hebben, was het tijd om te relaxen en was de eerste wandeldag voorbij.

Dag 2
dag2_300x200De 1e dag was toch wel zwaar geweest, want een aantal wandelaars besloot om in plaats van de lange afstand de korte afstand te gaan lopen. Een verstandig besluit, want het heeft geen enkele zin om je te forceren. We hebben immers vakantie!
Toen we langs de pasar van Ubud liepen was iedereen stomverbaasd over de drukte die hier zo vroeg in de morgen al heerste. Het krioelde er werkelijk van de mensen en niet te vergeten de brommertjes. Rijen dik stonden ze langs de kant geparkeerd. Niet kris kras door elkaar, maar keurig op een rijtje en de helm onbewaakt op het stuur. Vrouwen liepen af en aan met grote manden met groenten en fruit op het hoofd. Ja, het leven op Bali begint al vroeg.
Na de drukte van de markt kwamen we al gauw op een binnenweg met links en rechts rijstvelden. Sommigen lagen braak, wachtend op het moment dat de rijstplantjes weer met de hand één voor één geplant worden. Van andere sawahs kon je zien dat de oogst niet lang meer op zich zou laten wachten. Kortom er viel genoeg te zien en te genieten. Bij de bananenstop liet iedereen zich de bananen goed smaken en werd er heel wat water naar binnen gegoten, want het begon al weer aardig warm te worden. Hier werd heel wat afgekletst, want iedereen maakt onderweg weer wat anders mee. Toen we verder gingen kwamen we door Petulu, een plaatsje dat bekend is vanwege de nesten van de kokokan, een kleine witte reiger, in de bomen boven de weg. De weg is daar wit van de uitwerpselen en je ruikt het ook nog. Langs de weg zijn tal van werkplaatsen waar van alles gemaakt wordt, van schilderijlijsten tot kleding.
Daarna keerden we weer terug naar Ubud en bij het beeld van Arjuna gingen de wandelaars van de korte route weer terug naar het hotel en kregen de wandelaars van de lage route nog een lus van een kilometer of 10 voor de kiezen met aan het begin en eind een afdaling naar een rivier met de onvermijdelijke klim daarna. Echte kuitenbijters! Er werd door dorpen en langs rijstvelden gelopen, kortom er viel weer veel te genieten. Het zwaarste stuk was de weg terug naar Ubud met veel verkeer, maar ook daar wen je aan. Terug in het hotel stond er voor iedereen weer een lunchbox klaar gevuld met lekkere dingen en nadat die leeg was, was het tijd om te relaxen bij en in het zwembad.

Dag 3
balidans300x200Gisteravond zijn we met zijn allen naar Bungan Sarin Rare geweest, het sponsorproject van Le Champion. We hebben genoten van de dans door doofstomme jongens en meisjes. Zij werden geleid door hun lerares die met handgebaren de bewegingen aangaf. Ook jongetjes en meisjes van het schooltje dansten voor ons. Iedereen vond het prachtig en aan het eind werd Kadek, de leider van de stichting, verrast door donaties die spontaan uit de groep kwamen en door een donatie van het kinderdagverblijf van een van de deelnemers van vorig jaar.
Net als de voorgaande dagen was het weer vroeg dag. Bij de meesten stond de wekker rond half 6 en om klokslag 6 uur zat vrijwel het volledige gezelschap in de ontbijtzaal. Dankzij het vroege uur hebben we geen last van de apen die rond 7 uur vanuit het Holy Monkey Forest het hotel in gaan om te kijken of er in de ontbijtzaal nog wat lekkers te halen valt. Voorgaande jaren kon het gebeuren dat er een aap of soms een aantal apen volkomen onverwacht de aanval openden en in een flits van een paar tafels het brood, fruit of andere lekkere hapjes meenamen. Dat werd dan op een nabijgelegen muurtje rustig geconsumeerd. Dit jaar is de ontbijtzaal apenonvriendelijk gemaakt, dacht men. Er is kippengaas aangebracht, dikke spijlen voor de open ramen, prikkeldraad en op de muur om het hotel schrikdraad. Van het schrikdraad trekken ze zich niets aan en ondanks alle voorzorgsmaatregelen hebben ze toch een manier gevonden om de ontbijtzaal binnen te komen.
In Ubud wandelden we weer langs de pasar en weer was het er erg druk. Eeen paar wandelaars zijn de markt ook opgegaan en ze keken hun ogen uit. Toen we Ubud uitliepen, kregen we weer de afdaling naar de rivier en de klim weer omhoog. Dat viel niet mee op dit vroege uur. Daar kwam nog bij dat het erg druk was, want het was spitsuur, iedereen ging naar zijn of haar werk. Al gauw kwamen we echter op een landweggetje, dat ons langs de meest fantastische plekjes leidde. We zagen sawahs met vrouwen die aan het dorsen waren, we liepen door bos, zagen pasars en scholen, kortom er viel veel te zien en te genieten.
wandelen300x200Onderweg werd er regelmatig gestopt om bij een warung kopi Bali of een glas thee te drinken, anderen kochten frisdrank en iedereen voelde zich daar lekker bij.
We kwamen langs een huis waarvan de entree prachtig versierd was. Even kijken waarvoor dat is. Er bleek een huwelijksfeest op komst te zijn. De bruidegom was al in vol ornaat en wij werden meteen uitgenodigd om een hapje mee te eten, wat wel vriendelijk door ons werd afgeslagen. Aan de andere kant van de weg was een grote groep vrouwen bezig om allerlei offertjes en eten klaar te maken. Ook daar kwam je ogen tekort.
Aan het eind van de korte afstand stonden auto’s klaar om de wandelaars terug naar het hotel te brengen. De lange afstandlopers moesten nog een stukje verder met als toetje de afdaling en het klimmetje van de ochtend, maar dan in omgekeerde richting. De bikkels draaiden daar hun voet niet voor om.
Na terugkeer in het hotel zijn een aantal mensen naar de crematieplaats in Ubud gegaan, want daar wordt ’s middags een crematieceremonie gehouden. Dat is altijd een indrukwekkende ceremonie.
Vanavond de Kecakdans en dan gauw naar bed, want morgen is het alweer voor de laatste keer vroeg dag.

Dag 4
Donderdagavond vierden we het afscheid van de 8e Wandelvierdaagse Bali 2015 met een heerlijk diner, dat bovendien opgeluisterd werd met Balinese dans door 3 lieftallige danseressen. Na het diner werd het diploma en de herinnering aan deze zeer geslaagde vierdaagse uitgereikt.
Na afloop werd er nog wat nagepraat en om ongeveer half elf gingen sommigen naar bed en anderen gingen nog even wat drinken in een restaurant in de buurt van ons hotel.

Dag 5
Vrijdagmorgen kon er uitgeslapen worden, hoewel we om 9 uur alweer klaar moesten staan voor een excursie naar 2 belangrijke en mooie bezienswaardigheden. Eerst reden we met 6 auto’s naar de Goa Lawah of Olifantsgrot. Voor we het terrein op gingen werden de meegebrachte sarongs en slendangs omgedaan en wie er geen had, kreeg er een bij de ingang, want de Goa Gajah is een heilige plaats. Deze “grot” is waarschijnlijk rond 1022 door mensenhanden gemaakt, hoewel het verhaal gaat dat de reus Kebo Iwo hem in 1 nacht met zijn nagels heeft uitgekrabd. Hoewel de bevolking van het bestaan wist werd hij pas in 1923 ontdekt en de baden werden pas in 1954 opgegraven. In de grot zijn 15 nissen uitgehouwen die als meditatieruimten dienden. De Goa Gajah is dus geen tempel maar een plek om te mediteren. Dat blijkt ook uit de nissen die in de grotten in de vallei van het riviertje zijn uitgehouwen. Je kunt je voorstellen dat kluizenaars deze plek uitzoeken om te mediteren.
Nadat de sarongs weer afgedaan waren en de auto’s opgezocht, reden we naar Gunung Kawi, de “Berg der dichters”. Dit monument is ongeveer 1000 jaar oud en werd pas in 1920 ontdekt, hoewel de bevolking, net als bij de Goa Gajah het bestaan ervan kende. Het zijn in zandsteen uitgehouwen 7 meter hoge monumenten, die gemaakt zijn ter ere van koning Udayana, gestorven in 1025, zijn vrouw, zijn maitresse, zijn oudste zoon en zijn jongste zoon. Ook hier heeft Kebo Iwo met zijn sterke nagels een belangrijk aandeel gehad bij de tot standkoming van dit prachtige monument.
Om er te komen moesten we wel eerst een trap afdalen van ruim 300 treden. Dat hield automatisch in, dat we terug ruim 300 treden omhoog moesten. Een aantal van ons vond dat geen aanlokkelijke gedachte en besloot er niet aan te beginnen en ging lekker een kopje koffie drinken. De inspanning was echter echt de moeite waard, want behalve van een eindeloos aantal stalletjes met souvenirs en koude dranken konden we genieten van een prachtig landschap. Tijdens de korte wandeling terug naar de auto’s werden we door verkoopstertjes uitgenodigd om toch vooral nog een sarong, bloes, T-shirt met Bintang Beer of een korte broek te kopen.
Op de terugreis naar het hotel volgden we een deel van de langste route, die van de tweede dag, en opnieuw werd ervan genoten maar nu vanuit de koelte van een auto.
Om iets over enen waren we weer terug en had iedereen nog een middag om zelf op pad te gaan. Sommigen deden dat en anderen bleven gewoon lekker bij het zwembad luieren. Ikzelf ging voor vrienden een paar schilderijtjes kopen op de markt van Ubud. Ze kostten mij 80.000 rupiah per stuk. Terwijl de verkoper met mij bezig was, vroeg een Chinees vrouwtje naar de prijs van precies hetzelfde schilderijtje. Met een stalen gezicht zei hij: “250.000 rupiah”. Zij overlegde even met haar man, pakte de portemonnee en betaalde 250.000 rupiah. Daar had ik er 3 voor.

Dag 6
Zaterdag 16 mei, de dag dat we Ubud gaan verlaten. Met enige weemoed dachten we terug aan de mooie wandelingen, het fijne hotel en de heerlijke maaltijden die we nu achter ons laten. Keurig op tijd zat iedereen te wachten in de lobby, klaar om in de bus te stappen. De koffers stonden in het gelid klaar om ingeladen te worden. Even over tienen reden we weg en omdat het nog vroeg was, waren er nog geen files. Dat schoot lekker op, echter te vroeg gejuicht, want vlak voordat we Ubud uit waren, kwam ons een hele sliert grote bussen tegemoet op de smalle weg. Het passeren ging maar net en met veel passen en meten. Gelukkig het was allemaal goed gegaan en we kwamen op een mooie weg richting Denpasar totdat … ja hoor, er opnieuw een kolonne grote bussen ons tegemoet kwam. Zelfde verhaal en het ging opnieuw allemaal net goed. Onze chauffeur, pak Budhoyono, vertrok geen spier in zijn gezicht en bleef ijzerenheinig rustig manoevreren. Dit was het laatste oponthoud, want we konden lekker doorrijden. Plotseling kwam daar echter een eind aan, want we konden achter aansluiten in een lange file. Stilstaan, stukje optrekken, even stilstaan en zo ging het kilometers lan g door. Reden van het oponthoud was “Joger”, een enorm pand waar alleen maar T-shirts van het merk Joger verkocht worden. Deze zaak is een geliefde stopplaats van bussen uit Java die op de terugreis zijn.Een enorme parkeerplaats was helemaal volgestouwd met grote bussen. Ik denk dat er wek 40 stonden en over een afstand van honderden meters stonden bussen langs de kant van de weg geparkeerd. Mensen liepen aan beide kanten van de weg in de richting van de ingang of zaten bij de tientallen warungs wat te eten of te drinken. Het ging allemaal heel gemoedelijk, maar het doorgaande verkeer kwam er nauwelijks langs. Toen we er eenmaal voorbij waren, ging het voorspoedig en schoten we lekker op. Vlakbij het Ulun Danau Bratan tempelcomplex hadden we een beetje oponthoud, maar uiteindelijk reden we de met bussen, auto’s en brommers volgepropte parkeerplaats op. Aan het begin van de parkeerplaats was net een bus weggereden, zodat pak Budhoyono zijn bus keurig in de enige lege plek kon ri jden. Je mag ook wel eens geluk hebben. We spraken af om na anderhalf uur weer bij de bus terug te zijn en iedereen ging op weg om het prachtige tempelcomplex te bekijken of om even wat te eten, want het was bijna half 1 geworden.
Het was er een enorme drukte, overal zaten honderden in het wit geklede mannen en vrouwen in mooie sarongs en kebaja’s op het gras, wachtend op het moment om een van de tempels binnen te gaan met manden vol offers en offertjes. Uit luidsprekers klonk de stem van een verhalenverteller, waar niemand naar luisterde, en uit de tempels klonk het belletje van de priesters, die de mantra’s zeiden. Al deze mensen kwamen uit de dorpen rondom het meer.
De enorme drukte op de wegen kwam, omdat het een vrije dag was, de dag dat de goden verzocht werd om goed voor alle van ijzer gemaakte dingen te zorgen. Daar horen auto’s en brommers bij, maar ook machines en bijvoorbeeld messen. Je zag om de haverklap langs de kant van de weg voor een aan de voorkant versierde auto een priester zitten met bij hem de eigenaar van de auto en de chauffeur. De priester smeekt de goden om de auto te beschermen tegen ongelukken en brengt offers om de goden gunstig te stemmen.
Om 2 uur vertrokken we weer en we konden goed doorrijden tot de laatste klim naar Bedugul. Weer stonden we stil en er zat 25 minuten helemaal geen beweging in. Daarna ging het met horten en stoten richting Singaraja om tenslotte om kwart voor 4 in ons hotel in Lovina Beach aan te komen. We werden verwelkomd met bloemenkransen en in de tuin kregen we koffie en thee met Balinese lekkernijen aangeboden. Een perfect welkom!
Daarna zochten we de kamers op en konden er plannen voor de vrije dag van morgen gemaakt worden

Bekijk hier een fotoselectie.

Mis niets en schrijf je in op de nieuwsbrief

Schrijf je in voor de nieuwsbrief